Heuparthroscopie

Vertrouw op Xpert Orthopedie
100% verzekerde zorg
Snel geholpen
Aantoonbare kwaliteit
Gespecialiseerde zorg

Er kunnen verschillende redenen zijn om een heuparthroscopie te verrichten: kraakbeen beschadigingen, labrum letsels, slijmvliesafwijkingen, afwijkingen van ligamenten en ontsteking kunnen ermee bekeken en behandeld worden. De meest voorkomende redenen om een heuparthroscopie te verrichten zijn: labrum letsel en impingement. Beide afwijkingen worden hieronder uitgelegd.

Redenen voor heuparthroscopie

 

Impingement

Inklemming van het heupgewricht kan bij bepaalde bewegingen optreden indien er een anatomische afwijking bestaat. De oorzaak is vaak niet duidelijk. Soms bestaat er een aangeboren afwijking (standsafwijking van de heupkom/-kop) of is er tijdens de groei een letsel geweest (afglijden van de heupkop). De afwijking die de inklemming veroorzaakt, is vaak een prominente botrichel op de overgang heupkop/-hals (CAM laesie) of op de heupkom (Pincer laesie), of een standsafwijking van het heupgewricht (heupdysplasie/ coxa profunda/ retroversie van het acetabulum). Het labrum kan hierdoor beschadigd worden of deels los komen te liggen. Het veroorzaakt pijn in de lies of de bil (bij bepaalde bewegingen) en leidt mogelijk op latere termijn tot versnelde slijtage van het heupgewricht.

Labrumletsel

Labrumletsel komt meestal voor bij een vormafwijking of impingement, zelden is er alleen een labrumletsel. Echter door overbelasting of een ongeval kan er wel een geisoleerd labrumletsel  optreden. Indien het labrum gescheurd is, wordt altijd beoordeeld of het weer gehecht kan worden. Indien het te beschadigd is wordt het beschadigde deel verwijderd.

Psoas pees

De psoas pees is een pees die over het voorste kapsel van de heup loopt en helpt met het optillen (flecteren) van het been. De psoaspees kan chronisch geïrriteerd zijn en liespijn geven. We zien dit vaker bij dysplasie heupen, maar ook bij niet optimaal geplaatste heupprothesen. Operatief kan de psoaspees verlengd worden middels een kijkoperatie.

De operatie

Om in het heupgewricht te kunnen komen met instrumentarium wordt de heup een stukje uit de kom getrokken door aan de voet te trekken, waarbij het bekken wordt tegengehouden met een steun tegen het schaambeen.

Er wordt één incisie van ongeveer 2 cm aan de zijkant en één incisie van ongeveer 2 cm aan de voorzijde van de heup gemaakt. Er wordt een glasvezel kijkbuis (arthroscoop) in het heupgewricht gebracht, die aangesloten is op een camera. De beelden worden zichtbaar op een monitor. Via de andere incisie wordt instrumentarium ingebracht waarmee de kwaliteit van het kraakbeen kan worden beoordeeld en eventuele behandelbare afwijkingen (CAM laesie, Pincer laesie of labrumletsel) kunnen worden verholpen. De wondjes worden gesloten met een hechting en er worden pleisters aangelegd.

  • Diagnostische kijkoperatie: bij onzekerheid of pijnklachten daadwerkelijk veroorzaakt worden door een afwijking in het heupgewricht kan een kijkoperatie worden verricht ter diagnostiek. Dit wordt echter zelden gedaan.
  • CAM laesie: de botrichel wordt weggeslepen, waarna er geen contact meer optreedt tussen de rand van de kom en de heuphals.
  • Pincer laesie: de botrichel wordt weggeslepen, waarna er geen contact meer optreedt tussen de rand van de kom en de heuphals. Hiervoor dient echter wel eerst het labrum te worden losgemaakt. Na verwijdering van de botrichel wordt het labrum met een of meer botankers teruggehecht.
  • Labrum letsel: indien het labrum van voldoende kwaliteit is kan het worden teruggehecht. Hiervoor wordt de plek op de heupkom waar het oorspronkelijk vast zat schoongemaakt en wordt het met een of meer botankers teruggehecht. Indien het labrum teveel beschadigd is wordt het beschadigde deel verwijderd.
  • Psoas impingment: indien de psoaspees klachten geeft, kan deze in het pezigedeel worden doorgenomen, hierdoor ontstaat een verlenging.
  • Andere oorzaken: er zijn zeldzame oorzaken om een heuparthroscopie te doen. Bijvoorbeeld impingement buiten het gewricht (subspine impingement, ischiofemoral impingement, pelvitrochanteric impingement), maar ook afwijkingen van het slijmvlies zoals synoviale chondromatose of PVNS kunnen deels behandeld worden met een heuparthroscopie.
Neem contact op
Bel 088 778 52 05 Plan een intake